
Algemeen
Tamme duivenrassen, waaronder de verwilderde huisduif, worden in Nederland niet tot de beschermde vogelsoorten gerekend. Zij stammen af van de rotsduif (Columba livia L.). De vroegste gegevens over domesticatie dateren van circa 3000 v. Chr.. Vermoedelijk zijn de Romeinen verantwoordelijk voor de verspreiding naar Noord‑Europa.
De huidige populatie bestaat onder meer uit afstammelingen van losgelaten postduiven (onder andere tijdens de Tweede Wereldoorlog) en niet naar het hok teruggekeerde wedvluchtduiven. Duiven komen tegenwoordig algemeen voor in steden en dorpen in heel Nederland.
Uiterlijk
Verwilderde huisduiven vertonen een zeer grote variatie in:
- Kleur
- Vorm
- Tekening
Door deze grote variatie is een eenduidige uiterlijke beschrijving niet mogelijk.
Ontwikkeling en voortplanting
- Meerdere broedsels per jaar (tot maximaal 8)
- Per broedsel: 2 witte eieren in een eenvoudig, slordig nest
- Broedduur: circa 17 dagen na het leggen van het tweede ei
- Jongen vliegen uit na ongeveer 28 dagen
- Geslachtsrijp op een leeftijd van circa 5 maanden
- Maximale leeftijd: vermoedelijk tot 20 jaar
Door het gebrek aan natuurlijke vijanden en het voeren door mensen kan de populatie zich zeer snel uitbreiden.
Leefwijze
Duiven zijn uitgesproken cultuurvolgers met een groot aanpassingsvermogen.
Gedrag
- Voortplanting vrijwel het hele jaar door, behalve tijdens strenge vorst
- Hoofdlegperiode: maart tot en met september
- Paarvorming is meestal levenslang, tot het overlijden van één van beide partners
Voedsel
- Zaden en jonge scheuten van planten en struiken
- In stedelijk gebied vooral tafelafval, zoals brood en aardappelen
Nestplaatsen en territorium
Duiven nestelen op vrijwel alle locaties met een harde ondergrond, zoals:
- Vensterbanken
- Zolders
- Balkons en galerijen
- Warandakasten en dakconstructies
Elke groep duiven heeft doorgaans een eigen territorium met een middellijn van minder dan 1.000 meter. Dit territorium wordt echter niet actief verdedigd tegen indringers.
Schade en risico’s
Duiven veroorzaken aanzienlijke schade en gezondheidsrisico’s:
Gezondheidsrisico’s
Duiven kunnen verschillende ziekteverwekkers verspreiden, waaronder:
- Papegaaienziekte (ornithose/psittacose), een ernstige vorm van longontsteking
- Paratyfus
- Vogelmalaria
- Listeriose
- Salmonella
Daarnaast zijn duiven gastheer van diverse parasieten, zoals:
- Mijten en teken
- Vlooien
- Vogelwandluizen en vederluizen
Deze parasieten kunnen op hun beurt weer andere ziekteverwekkers overbrengen.
Materiële schade en overlast
- Aantasting van gevels, houten balken, schilderwerk en standbeelden door de chemische werking van duivenmest

- Vervuiling van wasgoed, kleding en buitenruimten
- Verstopping van hemelwaterafvoeren door nestmateriaal
- Gladheid op stoepen en trappen, met verhoogd risico op ongevallen
- Stankoverlast
Preventie en beheersing
Vanwege de gezondheids- en bouwkundige risico’s is het belangrijk om duivenoverlast tijdig aan te pakken.
Effectieve maatregelen bestaan onder meer uit:
- Het voorkomen van nestgelegenheid
- Het ontmoedigen van voederen
- Bouwkundige aanpassingen en weren van rust- en broedplaatsen
Een professionele, diervriendelijke aanpak is essentieel om structurele overlast te beperken en herhaling te voorkomen.